Met je handen in de klei en je hoofd in de wolken?

 Sabine Vanbiervliet, maandag 29 april 2013

Soms wordt mij de vraag gesteld of ik niet veel liever hele dagen zou ontwerpen in plaats van klei-les te geven?  Mensen gaan er blijkbaar nogal vaak vanuit dat ik workshops geef omdat er voldoende brood en liefst ook nog wat beleg op de plank moet komen. Maar zo is het toch niet helemaal.

Natuurlijk, creëren doe ik ontzettend graag. Ik kan mezelf volledig verliezen in een simpele pak klei. Er bestaat geen mooiere materie, het komt zomaar uit de grond, en je kunt er een hele wereld mee bouwen, bakstenen, huizen, gebouwen, schalen, servies, beelden... Als ik met klei werk, gebeurt er iets magisch, alsof ik bijna buiten de tijd treed.

Eigenlijk doet het me wat denken aan een onbekend maar o zo mooi liedje van Boudewijn De Groot:

“Ik zal de hemel gaan bevolken, ik roep de varens uit het zand

Ik schud de apen uit mijn mouw, de spikkels panters en de mieren

Het blauw konijn, de krabbeldieren, ik strooi topaas azuur en dauw

Ik weet nu dat ik alles kan, ik ken de dieren aan hun vel…”

Als ik boetseer, waan ik mij misschien ook wel een beetje God in het scheppingsverhaal, de meest bevreemdende wezens komen moeiteloos uit mijn pak klei gemarcheerd…

Maar daarnaast kan ik ook intens uitkijken naar het geven van een kleiworkshop. De grote of kleine cursisten die binnendruppelen in mijn atelier met in hun ogen verwachting, verwondering en een bepaalde gretigheid vermengd met een vleugje onzekerheid. Ik zie het kleipotentieel in elk van hen. De informaticaspecialiste die met grote stelligheid beweert niet handig te zijn maar die toch met een wonderlijk gemak haar computervingers gebruikt om prachtig stoer ambachtelijk aardewerk te creëren, de kokette dame die in het passeren mijn servies voorzichtig streelt met een vluchtige aanraking van haar lange vingers en daarna een reeks ragfijne delicate kopjes ontwerpt alsof ze nooit anders gedaan heeft, het stoere jochie met de omgekeerde pet die met dodelijke ernst en grote precisie de schubbetjes op zijn draak vastplakt. De zotte doos die diep vanbinnen schuilt in de perfectionistische architecte en beslist om eens een ander pad te volgen.  Ze gaat voor een  prachtig geboetseerde asymmetrisch keramiekvis waar menig kunstenaar jaloers op zou zijn,

Ik zie hoe de gezellige niet te stoppen babbelkous die bij het binnenkomen luidop verkondigde een kabouter te willen boetseren, stilzwijgend en eerbiedig de laatste hand legt aan het  frele  jongetje dat uit haar klei tevoorschijn kwam De passie en gedrevenheid waarmee de gezondheidscoach haar job uitvoert, uiten zich nu ook bij het boetseren van de mooie lijnen in het vrouwelijke beeld waarbij zij de perfectie nastreeft.

Als ik het allemaal overschouw, overvalt mij een gevoel van grote tevredenheid. Het is mooi, als mensen trots zijn op hun eigen werk, als hun hoofdje vol beslommeringen leeg loopt, en als ze moe maar voldaan naar huis gaan.  Meestal is het een heel diverse groep met elk een andere smaak en toch heerst er een bepaalde verbondenheid, een gezamenlijke groeiende liefde voor die prachtige aardse materie.                                                                                   En ik besef weer hoe graag ik dat eigenlijk doe, die workshops, hoe ik er van hou om mensen aan te zetten creatief bezig te zijn, om met hun vingers in de aarde te wroeten, om te ontdekken, te ontwerpen, te boetseren, te decoreren, te mislukken, te herbeginnen…. om eventjes met hun hoofd in de wolken te vertoeven.

 


Dit was een blogje over: creatief, keramiek, klei

0 reactie(s)



Laat een berichtje achter!

Naam*

Website

E-mailadres (wordt niet gepubliceerd)

Mijn berichtje*